woensdag 6 januari 2010

De grote Reis en de eerste dagen

Eindelijk kan ik het thuisfront iets laten horen! Het bleek toch wat ingewikkeld om internet te bemachtigen op mijn kamer, maar het is eindelijk gelukt. Tijd voor uitgebreide verhalen over de reis naar het Noorden en de eerste paar dagen hier.

Om half acht vertrok de CityNightLine met Mathijs en mijzelf aan boord
uit Utrecht naar Kopenhagen. Het paneel met de treinsamenstellingen gaf onze wagon weer met een pictogrammetje van een poppetje dat comfortabel op een soort sofa lag, hetgeen verwachtingen wekte van een degelijke nachtrust. Onze coupe bleek echter niet over sofa's te beschikken. Het was een doodnormal 6-persoonshok, met als enige extra feature stoelen die een machtige tien centimeter naar voren konden schuiven. Mathijs zijn stoel bleek zelfs in zijn geheel uitneembaar, maar dat zal wel niet de bedoeling zijn geweest. Eventjes koesterden we de hoop dat het heel erg rustig zou worden in de trein, en dat we over drie stoelen zouden kunnen gaan liggen, maar in Arnhem kregen we gezelschap van een jongen uit Sri Lanka en zijn moeder, die in de buurt van Kopenhagen woonden. Alleen de jongen sprak Engels, en hij vertelde ons dat ze bij de Tamil hoorden en twee jaar geleden gevlucht waren vanwege al het geweld. Hij wilde graag voor accountant studeren in Denemarken. In Emmerich werd de locomotief gewisseld en wilde de douane graag ons paspoort zien ("Heeft u ook drugs of wapens bij u?"), en even later in Duisburg was het de beurt aan de Duitse politie om iedereen zijn paspoort te laten trekken. In Keulen werd de trein pas echt goed gevuld en stond de trein om onduidelijke redenen bijna een uur stil.

Met de Oudjaarsnac
ht nog in ons lijf probeerden we iets van slaap te bemachtigen, maar het werd ons erg moeilijk gemaakt. Op een brakke treinstoel kun je nou eenmaal op geen enkele manier lekker liggen. Alle mogelijke houdingen (rekening houdend met je medereizigers) hebben na enkele minuten verrekte spieren of slapende ledematen tot gevolg. Buiten vroor het flink (in Kopenhagen zagen we dat bijna alle traptreden vastgevroren waren met ijs), maar de verwarming wachtte steeds tot het echt goed koud was en je je voeten niet meer goed voelde met aanslaan. Iemand had vervolgens de briljante ingeving gehad om de verwarming achter het hoofdgedeelte van de stoel te plaatsen, zodat er enkele keren per uur een gloeiend hete straal lucht in je oor zat te blazen. De Sri Lankaanse moeder had een goede snurk in haar mars, in Hannover werd de trein uit elkaar getrokken en gerecombineerd tot volledige treinen richting Kopenhagen en Berlijn en ergens na Hannover kwam er nog een Deense vrouw bij in onze coupe. En als je er dan toch in geslaagd was om in sluimertoestand te geraken, dan was er nog wel een conducteur bereid om je midden in de nacht om je kaartje te vragen. Ergens in de vroege uurtjes kwamen we er ook nog eens achter dat de trein anderhalf uur achter liep op schema, terwijl we maar een kwartier meer dan dat overstaptijd hadden in Kopenhagen (Keumhan).

Rond zeven uur werden we voorgoed gewekt door een naburig Somalisch gezin met kleine krijsende kindertjes. Bij de Deense grens kwam de douane nog eens om paspoorten vragen, maar dit keer werd het gehele Somalische gezin de trein uitgezet en afgevoerd in een politiebusje, waarschijnlijk vanwege een enkel verlopen paspoort. We reden verder door een besneeuwd Denemarken, terwijl de Sri Lankanen hun bananen met oorverdovend gesmak wegwerkten. Op wonderlijke wijze liep de trein zijn achterstand voor een groot deel in, waardoor we met een heel uur speling binnenreden op Kopenhagen S. Tijd genoeg om lichaam en geest op te porren met een grote kop koffie (en thee voor Mathijs).




Ietsjes minder brak stapten we op de trein naar Göteborg (Juttebor). Volgens onze gegevens zou dit een stoptrein moeten zijn. Hij stopte ook op praktisch alle tussengelegen stations, maar het was dan wel een stoptrein met TGV-achtig uiterlijk en dito snelheid. Naast ons zaten broertje en zus van ongeveer 12 en 15 jaar oud, die de hele reis hun snoep zaten te verorberen en stilletjes liepen te geiten met elkaar. De stoelen waren zeer prettig, hetgeen ons deed hopen op een soortgelijk comfort in de tweede nacht.
In
Göteborg verlangden we naar iets warms in onze maagjes, dus haalden we naar goede Berlijnse traditie een broodje fastfood (met echte groente!) bij de Subways, bij gebrek aan een beter alternatief. Ik trok ondertussen Zweedse zwervers aan, die overigens allebei prima Engels spraken, maar ik had helaas voor hun geen enkele Zweedse kroon op zak. Op het station kwamen we ook een Nederlandse jongen (Dick) tegen die we ook al in de nachttrein naar Kopenhagen hadden gezien. Later bleek hij voor het vullen van zijn Bachelor minor een half jaar naar Trondheim (Tronjem) te gaan, met zijn fiets, en naast twee sets kleding slechts een heleboel kampeer- en klimspullen. Alledrie stapten we de trein naar Oslo (Osloh), waarbij Dick zijn fiets in de cabine van de machinist moest zetten. Een minuut of vier voor vertrek riep de conducteur om dat de trein een defect had waardoor hij niet harder dan 100 km/h kon rijden en dat het voor de mensen die nachttreinen naar Trondheim, Bergen of Stavanger moesten halen beter was om een bus te nemen van platform zus-en-zo die de spoorwegen hadden geregeld, omdat die wel op tijd in Oslo zou arriveren. Dit alles werd slechts omgeroepen in het Noors, waardoor wij zoveel meekregen als "Bergen", "bus", "nachttrein." In lichte paniek vroegen we een Noor, die ons twee minuten terug geirriteerd had gewezen op het 'stilte'-bordje, wat er nou precies aan de hand was. Direct rukten we al onze bagage uit de rekken en haastten we ons naar het busplatform, wat zich natuurlijk bevond naast het rangeerterrein, achter de parkeerplaats die lag aan het eind van de busterminal. Dit alles met bagage voor een half jaar, aan alle ledematen tientallen kilo's spul, door centimeters sneeuw. Gelukkig vonden we de bus, pasten we er nog bij en sjeesden we al snel naar het Noorden. De buschaffeur verdient hierbij veel lof voor zijn rijvaardigheid. Door een geheel besneeuwd landschap wist hij de 300 km van Göteborg naar Oslo in slechts drieenhalf uur af te leggen, voor het grootste deel over tweebaanswegen. Om ons op tijd zijn te vieren en moed en warmte in te drinken voor de nacht trakteerde ik Mathijs en Dick op een slootje thee, waarna we in onze nachttreinen stapten. Op het perron zagen we wagon 11 en 12 staan, waardoor ons wagonnummer 446 wat onlogisch leek. Toen we onze reservering navroegen bij de conducteur verwees hij ons echter zeer geirriteerd naar de achterkant van de trein. En inderdaad, de wagons nummerden logischerwijs van 11, 12, 13, 14, 445, 446, 447. De NSB (de Noorse spoorwegen) toonden zich wel sympathiek door alle reizigers uit te rusten met een dekentje, oordopjes en een (lek) opblaaskussentje. De trein zelf was eigenlijk een normale trein, met wederom als enige slaapattribuut stoelen die enkele centimeters onderuit schoven. Ditmaal echter zaten we in op een vierzitsplekje zonder mensen tegenover ons, wat enige strekking van ledematen mogelijk maakte. Er volgde een nacht vol halfslaap, sluimer en desorientatie, maar vanwege de iets comfortabelere inrichting en de moeheid heb ik toch wat slaap mee kunnen krijgen. Toen ik rond half vijf naar buiten keek, zag ik dat we door een donker landschap reden met bergen, meren en vooral veel sneeuw, ijs en rots. Een enkele keer stopten we op een verlaten besneeuwd station waar niemand in- of uitstapte, zonder dorp in de buurt. Dit alles vond ik zo mooi, dat ik eigenlijk alleen nog maar naar buiten wilde kijken, en niet meer wilde gaan slapen. Om zeven uur 's ochtends, geheel op tijd, arriveerden we eindelijk op het station van Bergen.

De tijd tussen aankomst en de opening van de balie waar we een kamersleutel konden halen vulden we met een veel te dure vieze kop koffie, om vervolgens met alle kilo's aan bagage door de diepe sneeuw de stad door te lopen. Een groot deel van de stoepen en straten waren veranderd in plakken ijs. Bij de balie betaalden we de borg en kregen we een sleutel in handen. Nog steeds zonder ontbijt in de maag sjouwden we terug richting station waar de bus naar Studentboliger Fantoft vertrok. Na nog een klein stukje sleuren van de bushalte naar de flat volgde het (op dat moment) ultieme genot van een warme douche.
Ik heb een kamer in een mini-appartementje voor twee personen, die bestaat uit een badkamertje, een keukentje zonder ramen en twee kamers met simpele stoel, tafel, bed, bureau en wat lades om spullen in op te bergen. Het keukentje in op zijn zachtst gezegd karig, met twee elektrische pitten die integraal onderdeel zijn van het metalen aanrechtblad, waardoor dit blad elke keer als je iets kookt kromtrekt en gloeiend heet wordt. Maar naast het overduidelijk onpraktische heeft wel iets romantisch. Vooralsnog heb ik geen huisgenoot, maar ik hoop nog steeds dat er nog iemand komt. Mathijs zit in een andere flat, met dezelfde kamers als de mijne, maar dan met een eigen badkamertje en een keuken die je deelt met zijn achten. Waarom ik precies gekozen heb voor een tweepersoonsflatje is mij niet helemaal duidelijk, maarja, zo helder stond ik niet meer voor de balie waar ik dit moest kiezen.

Na wat gegeten te hebben, gingen Mathijs en ik de stad in voor verkenning en het doen van wat boodschapjes. We kochten een Noorse SIM-kaart en ondervonden daarna dat de supermarkt in Noorwegen inderdaad verschrikkelijk duur is. Dingen als verse groente, zuivel, vlees en veel andere dingen kosten gerust twee tot drie keer zo veel als in Nederland, om over alcoholische dranken nog maar te zwijgen (ik hoorde dat 0,5 L bier in een cafe ongeveer 65 NOK kost, wat overeenkomt met een dikke 8 euro!). Ik moet nog een beetje leren wat de goedkope producten zijn, zodat ik het leven enigszins betaalbaar kan houden. Uitgeteld kwamen we aan het eind van de middag weer terug bij Fantoft, en na wat eten dook ik snel mijn bedje in.

De volgende ochtend gingen we met een Nederlandse huisgenote van Mathijs, haar moeder, en een ander Nederlands meisje naar de Ikea
in Åsane, omdat we allemaal enkele basale spullen mistten en dit in de stad zelf met geen mogelijkheid goedkoop te krijgen was. Ik kocht wat beddengoed (een slaapzak in een dekbedovertrek is ook een dekbed), een kussen, een lampje, bestek en een fluitketel. Terug in Bergen kochten we nog een buskaart voor de komende maand, gingen we naar een meeting op Fantoft over Fantoft en aten we met zijn allen hutspot.

Vandaag begon de introductie van de universiteit met een heleboel informatie en bureaucratie over inschrijvingen, vakken, aanmeldingen, drie verschillende pasjes, identificatienummers en van die dingen meer. Een bepaalde combinatie van gebruikersnaam en wachtwoord was vereist voordat er een internetverbinding mogelijk was op mijn kamer, vandaar dat ik dit alles nu pas kan schrijven. Bij deze bijeenkomsten kwam ik al een heleboel andere uitwisselingsstudenten tegen, vooral Duitsland is erg goed vertegenwoordigd.
Na een hele dag van dit alles, schrijf ik dit lange verslag. Voor de liefhebbers zal ik mijn Noorse telefoonnummer en adres nog even rondmailen.

Tot zover voor nu, later meer.

8 opmerkingen:

  1. Leuk je zo een beetje te kunnen volgen :P Ik wil nu al op visite!! Veel liefs en groetjes daar,
    (vanuit een compleet ondergesneeuwd Utrecht) Sara

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Goed om te horen dat jullie heelhuids en op tijd daar zijn aangekomen. Je hebt een zeer leuk stukje weten te produceren rekeninghoudend met je mentale toestand na al het gerompslomp.
    Ben erg benieuwd naar de omgeving daar dus hou je Nikon in de aanslag.

    BeantwoordenVerwijderen
  3. Wow, ik heb het gewoon helemaal gelezen! Leuk :)

    BeantwoordenVerwijderen
  4. lieve joen, nu pas kan ik je uiterst beeldende verhaal lezen; wat een avontuur!je leiteraire gaven manifesteren zich ondanks(of juist mét)vermoeidheid en ontberingen; ik moet zeggen: het leest juist in een warme kamer lekker weg..
    erg leuk om zo over je schouder mee te mogen leven met je avonturen. ik verheug me op het vervolg!
    ondertussen is het hier echt winters, wat nog eens flink opgeklopt wordt door het nieuwsbericht.ben wel benieuwd of iedereen morgen komt; en barbara vanmiddag al.ik zal het wel zien, ik maak vast allerlei warme dranken.
    heel veel plezierig avontuur gewenst, en tot een volgend bericht. liefs, oma

    BeantwoordenVerwijderen
  5. Man, man, man! Zware reis, zo te zien! 'k Hoop dat je in Noorwegen ook een beetje betaalbaar voedsel weet te vinden, want op zo'n manier kom je natuurlijk wel heel snel door je geld. We zien je in ieder geval deze zomer!

    BeantwoordenVerwijderen
  6. Cool! Ik wil ook bergen & Bergen zien! En in Utrecht sneeuwt het ook heus :o

    En ik kijk uit naar je volgende bogs!

    BeantwoordenVerwijderen
  7. He Joen, wat een genot dit hilarische stuk te lezen vanuit mijn comfortabele warme huis met 2 persoons auping springveer- bed. Maar ik weet een beetje wat je doormaakt hoor, mijn avontuur naar New York(wat via Ijsland ging) toont vele overeenkomsten. Ik mis de ranzigheid van de dorms, maar dat scheelt ook weer bij een 2 persoonsappartent. Ik voel nog geen enkele drang langs te komen, maar ik denk dat er voor zo`n jonge adonis wel heel veel leuks is. heel goed dat je het doet hoor, wij zorgen wel voor moeders. (wat trouwens best meevalt hoor)
    Fijne tijd alvast gewenst. liefs Wendela

    BeantwoordenVerwijderen
  8. hoi joen
    leuk dat je verslag maakt van jullie reis en ervaringen. Het is leuk om te lezen en voor ons een voorproefje op onze vakantie in februari.
    Ondanks dat het een lange reis is kunnen we nu al een beetje zien wat ons te wachten staat.
    Ga vooral door met schrijven en fotograferen zodat wij jullie kunnen blijven volgen.
    groetjes van de familie van mathijs

    BeantwoordenVerwijderen