zondag 4 april 2010

Meteorologische schizofrenie en Paasrust

Gewoonlijk ben ik niet het type dat regelmatig over het weer keuvelt, maar voor het Bergense lenteweer maak ik graag een uitzondering. Met lenteweer bedoel ik dan niet per sé dat zonnige warme weer waar je je jas voor uittrekt, maar het weer dat toevallig in de periode van het jaar valt die wij lente noemen. En dat weer kan werkelijk van alles zijn. Eergisteren bijvoorbeeld werd ik wakker met een sneeuwbui van formaat, de zoveelste van deze week, waardoor het hele uitzcht weer wit begon te kleuren. Aan het eind van de ochtend braken de wolken echter op en kwam de zon hier en daar tevoorschijn. Gedurende de middag smolt bijna alle sneeuw voor de zon en voelde het als ware lente. Het einde van de middag bracht vervolgens nog een flinke regenbui, de schemering vond plaats in bijna wolkenloze lucht, maar 's nachts was er geen ster te zien. Kortom, je hebt geen flauw idee wat er komen gaat. Zelfs het Noorse meteorologische instituut, waarvan je toch enige kennis van zaken mag verwachten, is niet in staat om zelfs het weer van de volgende dag bij benadering correct te voorspellen. Wanneer zij regen zeggen vliegen de zonnestralen je om de oren en vice versa. Dit alles maakt het plannen van een mooie wandeling wat moeilijk, maarja, het houdt de spanning erin.
Na dagen van regen vraag je je wel eens af waarom je ook alweer zo nodig naar Bergen moest, maar als je je tijdens een droog momentje buiten waagt zijn alle ongemakken snel vergeten. Een paar dagen terug bevond ik mezelf in een prachtig bos op de steile helling van Fløyen, met sprankelend groen mos op de vloer en statige dennen die het licht verstrooien. En met een half uurtje sta je dan weer in het centrum van de stad. En gisteren beklom ik met Mathijs Ørnafjellet en de Lyderhorn voor de tweede keer, badend in het zonlicht, met kwetterende vogeltjes overal.

Vorige week donderdag vond er nog een massale skitrip plaats naar Eikedalen plaats, een dorpje wat meer naar het oosten. Er lag nog genoeg sneeuw, maar door de miezer die gestaag naar beneden kwam was het wel hard bezig te smelten. De regen en de mist maakten het wel wat lastig om de hobbels in de sneeuw te onderscheiden, vooral omdat mijn bril geen ruitenwissers heeft, waardoor ik soms halfblind de berg af ging en me liet verrassen door wat er voor me lag.
Eergisteren schiep ik een tweede goede gelegenheid om een been te breken. Tijdens het belopen van bergen kom je nogal eens Noren op hardloopschoenen tegen die de berg op- en afrennen in plaats van rustig lopen. In een poging in te burgeren wilde ik dat ook wel eens proberen, maar het blijkt nogal vermoeiend te zijn. Ik koos uiteindelijk voor de oude bekende Løvstakken, 477 meter hoog, rende naar de voet van de berg en liep zo hard als ik kon omhoog, om op de top te ontdekken dat er toch nog aardig wat sneeuw lag. Bovendien stonden alle paden onder water of modder of allebei, waardoor mijn voeten al snel in mijn schoenen zwommen. Maar dat weerhield me er niet van om zo snel mogelijk een weg naar beneden te vinden, al springend van steen naar steen, de diepste plassen ontwijkend. Met soppende schoenen rende ik de 4.5 km terug naar Fantoft, waarna mijn benen redelijk naar hun spreekwoordelijke grootje waren. Het was leuk om eens te proberen, maar ik betwijfel of ik het nog een keer ga doen. Misschien nog eens als echt alle sneeuw gesmolten is.

Afgelopen week stond vooral in het teken van niks doen. De Noren kennen een echte Paasvakantie, met bijbehorende ongemakken als bussen die nauwelijks rijden en supermarkten die dicht zijn. Maar de universiteiten houden ook rust, dus veel uitwisselingsstudenten maken van de gelegenheid gebruik om een ander stukje Noorwegen te gaan verkennen. Er zijn de laatste tijd ook veel bezoekers van thuisfronten hier geweest. Zo kreeg Mathijs Renee uit Moskou op bezoek, kwamen het zusje van Robert en de moeder van Julia uit Duitsland, en kwamen er drie Nederlandse meisjes langs die hier vorig semester hebben gestudeerd, om nog even te genieten van de vertrouwede Fantoftsfeer nu er nog bekenden van hun verblijven. En dus wordt er steeds weer uitvoerig en smaakvol gekookt, worden er taarten gebakken (
bijvoorbeeld een overheerlijke variatie op de Engadiner Nusstorte met hazelnoten en walnoten door Julia en mijzelf) en worden er hele avonden aan tafel doorgebracht.
Ter viering van Pasen werd er met vereende Duits-Nederlandse kracht een grote brunch geïmproviseerd met Noorse Wafels, brownies, pannenkoeken, veel eieren en een sneetje roggebrood, waarna we uit pure nostalgie beschilderde eieren in het bos verstopten en weer vonden. Om vervolgens weer terug te keren naar de tafel voor wat koude huisgemaakte pizza van de dag ervoor. Geen betere manier om je Pasen door te brengen.

2 opmerkingen:

  1. je weet, het weer is juist mijn favoriete onderwerp, chronisch onderschat qua belang en allesbepalende invloed op hoe je je de dag en het leven in het algemeen ervaart. dus blij dat het eindelijk je aandacht heeft. schattig dat jullie je eigen eitjes zowel verstopt als gevonden hebben. al weer een veelzeggend beeld van het leven. onthoud het voor later in een filosofisch artikel! en nu maar weer de lentelucht in hè.

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Jij met je bril en je Engadiner Nusstorte :)

    BeantwoordenVerwijderen